De Godwin als tautologie

.:.

Laat ik het maar even kort uitleggen. Op internet en met name op Twitter is het niet ongebruikelijk om een ander van een Godwin te beschuldigen. Met argumentatie heeft dat echter zelden iets te maken. Hooguit gaat het om een negatief oordeel over wat een ander naar voren brengt.

In 1990 formuleerde Mike Godwin zijn zogenaamde wet:

As an online discussion grows longer, the probability of a comparison involving Nazis or Hitler approaches.

Bij het huidige gebruik kunnen we het element van de duur rustig schrappen. Met wetmatigheid van processen heeft het niets meer te maken. Het gaat nu eerder om directheid. Als iemand met name op Twitter een vergelijking maakt waarin Hitler, de Tweede Wereldoorlog of de Sjoa voorkomen of waarin anderszins aan deze onderwerpen gerefereerd wordt, dan is de kans groot dat een ander snel ‘Godwin!’ roept. Dat geldt dan gemeenlijk als een diskwalificatie.

-

Zonder meer ‘Godwin’ roepen heeft niets met argumentatie te maken. Inhoudelijk gaat het om niet meer dan een simpele tautologie. ‘Godwin’ betekent immers niet meer dan: ‘U had het net over Hitler, de Tweede Wereldoorlog of de Sjoa’. Juist ja, dat hadden we dus zelf ook net gelezen. Wie ‘Godwin’ roept, herhaalt dus alleen maar dat de spreker net aan bepaalde thema’s refereerde. Dat voegt dus materieel helemaal niets toe. We wisten dat al.

Maar er zit ook een waarderend element in. Het gaat niet slechts om een simpele constatering, maar ook om afkeuring. ‘Godwin’ betekent dus zoiets als: ‘Foei, u bezigde de naam van Hitler, had het over de Tweede Wereldoorlog of de Sjoa en dat geeft hier geen pas’. Het gaat dus om een afkeurend waardeoordeel.

Dat is dus iets heel anders dan argumentatie. Het negatieve oordeel dat in ‘Godwin’ besloten ligt, kan terecht zijn omdat de vergelijking of referentie inderdaad ongepast was, maar het kan ook helemaal nergens op slaan, omdat de aangehaalde thema’s wel degelijk ter zake deden. ‘Godwin’ roepen is dan ook niet het einde van alle discussie, maar het begin ervan. Wie zoiets roept, moet vervolgens maar eens uitleggen waar zijn negatieve reactie op gebaseerd is, tenzij het natuurlijk om zaken gaat waarin iedereen de ongerijmdheid van de gelegde relatie direct zo wel inziet. Dat is inderdaad soms het geval en daar zal het gebruik ook wel vandaan komen.

-

Het is natuurlijk vaak de vraag in hoeverre vergelijkingen met historische personen of gebeurtenissen vol onheil verhelderend werken. Die kunnen ongepast zijn, omdat mensen iets erger willen maken dan het is, waardoor ze juist het zakelijke punt – wat er concreet wél mis is – missen. Maar referenties aan de Tweede Wereldoorlog en de Sjoa hoeven niet altijd neer te komen op rechtstreekse vergelijkingen. Je kunt bijvoorbeeld ook lessen trekken die je terecht op onschuldiger situaties toepast, zonder dat je meteen wilt zeggen dat het daarbij om even ernstige zaken gaat.

Daar valt veel meer over te zeggen, maar dat zal ik nu doen. Ik geloof zeker dat veel zogenaamde Godwins niet verstandig zijn. Hier wilde ik slechts opmerken dat ‘Godwin’ roepen nooit het einde van een argumentatie kan zijn, hooguit het begin. Het gaat om een afkeurend oordeel, dat vaak nadere toelichting verdient.

.:.

4 thoughts on “De Godwin als tautologie

  1. Godwin roepen heeft als betekenis dat de discussie zover is gevorderd dat redelijke argumenten, voor de partij die de Godwin heeft geuit, zijn uitgeput.
    De discussie zal daarna alleen nog maar gaan over de (Godwin)uiting op zich en niet verder nieuwe argumenten zullen worden uitgedragen, vandaar dat het Godwin roepen op zich de discussie al zodanig niet meer interessant maakt.
    Het zou verstandiger zijn voor de inhoudelijke discussie dit ter zijde te uiten, en op een ander argument verder te discussiëren.

  2. “Daar valt veel meer over te zeggen, maar dat zal ik nu doen.”

    Ja? Waar is de rest?
    O, u bedoelde nu = niet. Ik vroeg mij af: waarom gebruikt u het woord ‘dooddoener’ niet in uw verhaal? Het is duidelijker dan ‘tautologie’, dat u overigens onterecht toepast op een Godwin, want u geeft zelf toe dat er een evaluatief element in zit!

  3. Laat ik meteen maar even reageren. Wat ik hierboven deed, was vooral begripsverheldering, niet veel meer.

    Dat stuk van Jan Kuitenbrouwer, Joke Mizéé, gaat niet over Godwins. Ik leg slechts uit dat ‘Godwin’ roepen, vaak een evaluatief, negatief oordeel bevat, maar daar mee is nog niets gezegd over de validiteit van wat met een Godwin wordt aangeduid. De aanduiding is vanwege het tautologische gehalte niet erg bruikbaar. Maar over demoniseren gaat het hier niet. Wie ‘Godwin’ roept, kan weliswaar op zoiets doelen, maar dat weten we pas als dat er expliciet aan toegevoegd wordt, eerder niet.

    Wat moet ik met het commentaar van Nicky D? Nee, ‘nu’ betekent niet ’niet’, want ik heb inmiddels ergens een artikel ingeleverd dat verder ingaat op mogelijke vergelijkingen. Dooddoener is een waardering, een geheel ander soort term, terwijl tautologie hier het inhoudelijke element aanduidt. Dat staat er ook duidelijk en ik voeg er aan toe dat het om een evaluatieve tautologie gaat. Men hoeft hier niet eens aan de wittgensteiniaanse zin van de term te denken. In dit geval valt die ongeveer samen met het traditionele, taalkundige gebruik, dat in onze dagen wellicht minder courant is geworden. Aan de denotatie wordt een bepaalde connotatie toegevoegd. Dat is precies wat ik beschrijf.

    Wim Oosterhout gaat meer in op de oorspronkelijke betekenis. Ik had het over het huidige gebruik. Hij heeft gelijk dat juist de vergelijking tot onderwerp van discussie kan worden en niet wat de vergelijking beoogde te betogen. Ik denk dat vergelijkingen die Godwins genoemd worden, vaak geen verhelderende bijdrage leveren, maar men kan daar geen generieke uitspraken over doen. Het hangt van elke concrete vergelijking af.

    De term ‘Godwin’ is in het algemeen weinig verhelderend. Het tautologische materiële karakter voegt niets toe. En het afkeurende element verdient nadere toelichting. Die kan men beter direct geven.